Sonja Augart: diepe denker in de dans

Haar debuut maakt vele tongen los. En dat terwijl ze nog studeert aan Dansacademie Brabant (nu Fontys Dansacademie). ‘Die komt er wel, die Sonja Augart’, mompelen velen. En dat doet ze: ze komt er. Echter niet zoals de docenten van de Dansacademie voor ogen hebben gehad. De Duitse Sonja Augart is daar vanaf haar komst naar Tilburg te eigenwijs voor. ‘Hier bin ich Mensch’ is de titel van haar debuut in mei 1995 en intussen een prachtige metafoor voor haar verblijf in Tilburg. De choreografie speelt zich af op het dak van een parkeergarage in het centrum van Tilburg.

Tien dansers en drie zangers vormen karikaturen van zichzelf en zij doen dit via een bewegingstaal die verwondering en verbijstering, maar vooral oprechte verbazing oproept. Een stuk van de hand van Sonja Augart, waarvoor de Willem II-straat - ook al in de binnenstad van Tilburg – geheel moet worden afgesloten, versterkt het idee dat de capaciteiten van Sonja Augart vooral in de wondere wereld van nieuwe, bizarre ideeën liggen besloten.

Ongrijpbaar

Na haar afstuderen aan de Rotterdamse Dansacademie en Dansacademie Brabant komen er nieuwe, ongrijpbare creaties van haar hand: ‘Rest’, ‘P wie Mensch’, ‘Zwischen’ en ‘Utopien’. Intussen danst ze bij uiteenlopende grootheden als Frédéric Flamand, Jérôme Bel en Vivienne Newport. Maar bedenken, uitdiepen en opvoeren trekken harder dan zelf dansen. Sonja Augart maakt het zich niet gemakkelijk. Hetgeen zij in dans wil uitdrukken, wordt een zoektocht naar haar diepste binnenste en de resultaten daarvan worden steeds publieksonvriendelijker. Het lijkt erop dat zij zichzelf verliest in een verwarrend proces, waardoor de communicatie met haar publiek moeizaam en soms helemaal niet meer tot stand komt. Leegte, angst, chaos en intermenselijke relaties zijn geen zaken die je op een rustige namiddag in dans kunt omzetten, dat weet ook Sonja Augart.

Om er de diepte mee te worden in gesleurd is echter de keerzijde van de medaille. Het lijkt erop dat Sonja Augart de verwarring in haar binnenste goed aanvoelt, als zij in 2002 een choreografie met de wel heel treffende naam ‘Ein Versuch dem Publikum etwas zu zeigen’ in première brengt. Op muziek van Charles Ivens’ ‘The Unanswered Question’ (!) blijkt het stuk vooral een opeenstapeling van plaatjes. Die krijgt het publiek mee, in plaats van vragen om eventueel over na te denken of te laten bezinken.

Weg terug

Eind 2005 lijkt Sonja Augart de weg terug te hebben gevonden. In ‘Hellrot’ speelt ze met de tijd, vertragend en versnellend. “Ik hoop dat mensen daardoor gedetailleerder gaan kijken. Dat levert een versnippering van het idee op en door naar alle stukjes te gaan kijken, krijg je weer één beeld”, zo verklaart ze. Tegelijkertijd blijft ze de diepe denker die ze is met vragen als: wat is dans nog, wat is mijn opvatting van theater, waarom moet ik nu nog maken, wat voeg ik nog toe? Hiermee lijkt de link naar haar publiek weer hersteld, want: “Ik vertrouw erop dat het publiek nieuwsgierig is, iets anders wil dan de geijkte formules.”

In 2003 sticht Sonja Augart Fragmenta, waarin ze via workshops en lezingen een blik wil gunnen op de symbiose die kan ontstaan tussen dans en andere kunstdisciplines. Ook wil Fragmenta een podium zijn voor choreografen en performers om te experimenteren buiten de opgelegde grenzen van theater en dans. Meer en meer is Sonja Augart zich sindsdien gaan toeleggen op verbreiding van die mogelijkheden. Zij doet dat door zich op te werpen als curator van bijvoorbeeld het ongrijpbare Incubate-festival en het organiseren van debatten over de plaats van dans in de hedendaagse kunst.